Tussen oude en nieuwe dromen

"Als je wilt weten wat je doel of droom is, bedenk dan wat je als kind leuk vond om te doen.”







Deze tip zie ik vaak voorbij komen op social media als het gaat om het vinden van je passie. Maar als kind had ik geen dromen of activiteiten waar ik me eindeloos in kon verdwalen. Al in de eerste paar jaar van mijn leven was ik kind aan huis in een revalidatiecentrum om dingen te leren die voor andere kinderen zo vanzelfsprekend zijn, zoals lopen en praten.

En eenmaal op school begon het pesten. Veel ruimte om te dromen is er niet als je probeert te overleven. Later, na mijn puberteit, ontkende ik een tijd mijn lichamelijke beperkingen. Ik begon met dromen over werk en carrières die lichamelijk helemaal niet haalbaar waren voor mij en bovendien helemaal niet bij mij pasten.

Dromen die ik voor mezelf creëerde, zonder God. Dat dit niet lukte, zorgde voor grote teleurstelling. Gebroken dromen. Een tijd sloot ik me opnieuw af voor nieuwe dromen. De échte verlangens van mijn hart kwamen tóch niet uit. Totdat God mij liet zien dat Hij een andere weg had met mij. Wat ik te doen had, was de negatieve gevoelens over mijn beperking en mijn droom om erbij te horen, begraven. Zodat er wat nieuws kon ontkiemen. Maar voordat er iets nieuws kan ontkiemen, nieuwe dromen, moet er eerst weer vertrouwen groeien. Je moet opnieuw leren vertrouwen op een droom. Vertrouwen dat deze wél uit kan komen. Vertrouwen dat God je hierin helpt en steunt. De moed vinden om opnieuw te dromen. Voorzichtig begin ik mezelf weer open te stellen voor nieuwe dromen. Maar dit keer bedenk ik ze niet alleen. Ik probeer te luisteren naar de dromen die God in mijn hart legt. Maar oh…wat is dat ook spannend. Want deze dromen zijn mooi. En groots. Ik ontdek dat tussen het begraven van oude dromen en het ruimte maken voor nieuwe dromen, eerst nog wat anders zit. Namelijk; de moed vinden om weer te gaan dromen. Weer geloven in nieuwe dromen. Erop vertrouwen dat God wil dat ik dromen heb. Niet om ze te breken, maar om ze werkelijkheid te laten worden. Niet alleen, maar samen met Hem. Hand in hand.